60-jarig bestaan HHM

Nederlands of Engels? KNAW adviseert taalkeuze met beleid | 02 oktober 2017

Onlangs verscheen het rapport van de KNAW (Koninklijke Nederlandse Academie van Wetenschappen) over taalkeuze in het Nederlandse Hoger Onderwijs. Onze collega Ankie Hoefnagels heeft daar namens Zuyd een bijdrage aan geleverd. Hieronder presenteren we een aantal bevindingen uit het rapport.

Het rapport geeft een helder overzicht van de kosten en de baten van Engelstaligheid  en tweetaligheid in het Hoger Onderwijs en zet duidelijk uiteen wat de effecten van taalbeleid zijn op onderwijsinhoud, onderwijskwaliteit en taalvaardigheid. De commissie ziet de voordelen in het licht van de internationale oriëntatie van Nederland en de gunstige invloed op de kwaliteit van opleidingen, maar heeft ook begrip voor de onrust in verschillende geledingen van het onderwijs over de ‘verengelsing’ van het onderwijs.

In haar onderzoek onderscheidt de commissie drie typen argumenten die de keuze voor Engels en/of Nederlands bepalen: argumenten met betrekking tot internationalisering en onderwijskwaliteit (bijv. opleidingen opereren in een sterk internationale omgeving, waarbij studenten worden opgeleid tot wereldburgers), argumenten met betrekking tot arbeidsmarkt en beroepenveld en bedrijfsmatige argumenten (bijv. concurrentie en het werven van de beste studenten). Deze argumenten dient iedere instelling en opleiding tegen elkaar af te wegen bij hun keuzes.

Op basis van het onderzoek schetst de commissie een aantal scenario’s (De HMSM valt op dit moment in het scenario: Bachelor gedifferentieerd, Master in het Engels). Voor de verdere ontwikkeling van het taalbeleid in de instelling en de opleiding doet de commissie een aantal aanbevelingen:

  • Maak een bewuste keuze voor onderwijstaal op basis van de doelstelling van de opleiding, de mate van internationale mobiliteit, inhoud en kwaliteit van het onderwijs, de doorstroming en voorbereiding op een (diverse, internationale) arbeidsmarkt;
  • Bed de keuze voor de onderwijstaal in in ondersteunend taal- en internationaliseringsbeleid dat zich richt op de didactische aspecten van het geven van onderwijs in een andere taal;
  • Schep voorwaarden voor een goed functionerende international classroom en investeer gericht in integratie van buitenlandse studenten en contacten met Nederlandse studenten, in interculturele vaardigheden voor zowel studenten als docenten en in didactische vaardigheden voor docenten;
  • Zorg voor taalgebruik op de werkvloer, in het bestuur en in medezeggenschap waarmee alle betrokkenen effectief kunnen participeren;
  • Faciliteer de ontwikkeling van taalvaardigheden (in het Nederlands en het Engels) bij studenten en docenten;
  • Zorg voor optimalisering van beoordeling en feedback bij tentamens en schriftelijke werkstukken die in een andere taal zijn geschreven;
  • Stimuleer de didactische evaluatie en peer review  van inhoud en kwaliteit van het onderwijs zonder dat dit leidt tot verdere bureaucratisering.

Print deze pagina
Deel deze pagina